| Vandaag en alle dagen: bij het overlijden van Wannes Van De Velde |
|
|
| Geschreven door Erik De Bruyn |
| dinsdag 11 november 2008 |
|
Wij zijn de gepoetste proleten (De gepoetste proleten) In het voorjaar van 2007 was em daar terug. Na jaren van strijd tegen leukemie zou hij weer gaan optreden. Wannes Van De Velde weer op tournee in de maat van zijn laatste en misschien zijn prachtigste album: In de maat van de seizoenen. Ik had me voorgenomen om kaartjes te kopen voor iedereen in mijn omgeving waarvoor de balladen van Wannes (Willy) Van De Velde heel veel betekenen: Lin, mijn ouders, mijn broer. Maar het mocht niet zijn. De affiches aan De Roma op de Turnhoutsebaan werden overplakt met de aankondiging dat de tournee werd afgelast om gezondheidsredenen. En nu heeft hij ons definitief verlaten. Er komt geen volgende keer. Het zou Wannes Van De Velde oneer aandoen indien men hem politiek zou trachten te recupereren. Daarom wil ik vooral hem zelf aan het woord laten via zijn teksten. Politiek was voor hem te klein, zo zong hij zelf in De rare namen: Noch socialist, noch Stalinist, Maar ik denk dat Wannes vooral de hypocrisie van de partijpolitiek bedoelde. In de geest van Louis Paul Boon, waarvoor hij trouwens een prachtige hymne schreef: Boontje. Voor de fascisten was ‘t ‘ne rooie, In zijn Gentse impressie kiest hij zoals zo vaak in zijn teksten onverbloemd de zijde van het werkvolk: Dan bracht den tijd ‘ne lentewind: Zoals geen ander wist hij ons te vertellen dat we alleen samen dingen kunnen verwezenlijken, dat het individu pas tot bloei komt als deel van een collectief: Maar heel de wereld is verblind door linke binken (Ne zanger is ne groep) Wannes Van de Velde doorleefde heel intens de revolte van de jaren zestig en zeventig en was erg verbitterd door de afloop ervan: het smoren van de sociale revolutie in partijpolitieke recuperatie: in dien tijd zaag'de gezichten (In dien tijd) Hij zette zich dan ook altijd hevig af tegen elke vorm van hypocrisie en valse schijn. De gepoetste proleten bijvoorbeeld is erg actueel: we dragen nu mooie kleren en hebben met wat geluk een auto en een huis. Maar veel stelt dat niet voor. De sociale verhoudingen bleven ongewijzigd. Ongelijkheid en onrecht verdwenen onder een laagje vernis. Maar dat alles is maar tijdelijk, orakelde Wannes, en de nieuwe tijden geven hem gelijk: en al schijnt de miserie begraven (De gepoetste proleten) Wat het vernis van de communicatie en de marketing betreft zouden de SP.a top en Patrick Janssens de volgende strofe eens goed moeten laten bezinken: en altijd dezelfde woorden (In dien tijd) Het oeuvre van Wannes Van De Velde is echter allesbehalve zwartgallig. Hij vindt schoonheid en waarachtigheid in het leven van de gewone mensen langs het venster van den tram (Het venster van den tram) Of nog: Honderd rozen uitgelezen ‘k Heb geen zigeunerin van doen (Comme Facette Mammeta) Of hij vindt schoonheid daar waar weinig anderen ze menen aan te treffen, in het havengebied of in door kleinburgers en parvenu's verguisde steden: 't Is er allemaal versmolten; (Charleroi) De minnaars van de "volkseigen cultuur" zullen dat natuurlijk niet graag horen. En ook de volgende zéér actuele strofe niet: Wanneer alleen nog 't Gouden Kalf wordt vereerd (Zwijgt me van de Vlaamse Kwestie) Het is een hele grote meneer die ons nu verlaat. Van het formaat van een Jacques Brel. In het Sportpaleis trad hij nooit op. Die lawaaierige tempel van klatergoud is te klein voor hem. Het kleine land dat hij de rug toekeert kan maar op één manier groot genoeg zijn om hem eer te bewijzen. Door alle hypocrisie, valse schijn, zelfgenoegzaamheid en grootheidswaan uit te bannen, en te blijven luisteren naar alles wat hij ons vaak vergeefs trachtte duidelijk te maken: vandaag en alle dagen. 'k wil niet meer wijzen op de pijn (Ik sta met mijne rug naar 't land) |


